Op dinsdag 12 april komt Sas weer
aangevlogen. Ik haal haar op van het vliegveld met de Royal Jelly, leuk maar niet zo handig blijkt. Het is
harder gaan waaien en wind tegen dus het zoute water vliegt ons om de oren en
natuurlijk over de tas met spullen. Ik had wel 2 jacks meegenomen en een vuilniszak voor de zekerheid, nu ja.
Ik lig in de lagoon en wil daar zo snel mogelijk weg. Het is er druk en het
water is niet zo lekker om in te zwemmen, laat staan om de water maker aan te
zetten. Sas moet natuurlijk weer even acclimatiseren,
het is tenslotte 30 graden. Woensdag brengen we nog door in de Lagoon. Ik laat
Sas wat van de “hotspots” zien. Zo is dat o.a. Lagoonies een café voor zeilers.
Het is in een buurt waar geen toeristen komen, want die zijn hier in grote
hoeveelheden.
Overdekte brommer |
Donderdag door de brug de lagoon
uit en op weg naar St Barths, Gustavia, zo’n kleine 15 mijl weg. We ankeren in
de baai en gaan uiteraard weer naar de capitainerie voor het inklaren. St
Barths, althans Gustavia is een “chique” dorp, met allerlei dure winkels, toch
is het een aardig dorp met leuke houten huizen. St Barths is vroeger van de
Zweden geweest en de Fransen hebben het tot mijn verbazing laten blijken. De
straatnaamborden hebben behalve een Franse naam, de onvermijdelijke Rue de la
Republique, maar daaronder staat dan nog de Zweedse naam. We hebben het
heerlijk, zwemmen, snorkelen, drinken een plantère, ofwel een rumpunch en lezen
een boek.
Ook huren we een buggy, een
“overdekte brommer”, aan de zijkant open. Het leek ons leuker dan een scooter.
We hebben toch een beetje spijt, die motor werd zo warm en die zit midden in de
buggy, dus we hebben allebei een min of meer gestooft been. Het eiland is niet
groot, dus je rijdt het op je gemak in een dag rond. We lunchen heel prettig
aan het strand uiteraard. Het lijkt wel vakantie. Na St. Barths zeilen we naar
Saba, het waait niet hard en we worden verwend door een grote “kudde”
dolfijnen, die ruim een kwartier voor de boeg hun kunsten vertonen. Sas ligt op
haar knieen met haar iphone en schiet vele foto’s. Het blijft moeilijk ze goed
vast te leggen.
We liggen in Saba aan een mooring,
het is enorm onrustig water, het regent af en toe en dus een onrustig nacht. We
kunnen niet eens het eiland op. Je moet met je dinghy naar de wal en dat gaat
vandaag niet. Dus losgegooid en terug naar St Maarten. We gaan nu naar de
Franse kant, Marigot Bay. Een grote baai met wel 200 of 300 schepen voor anker.
Het waait nog steeds behoorlijk, maar we kruipen toch niet onder de overvolle
wal, waar het soms wat rustiger ligt. We kiezen voor vrij uitzicht. Dat
betekent dan wel dat we onrustiger liggen. Dat nemen we op de koop toe.
De Franse kant is heel anders dan
de Nederlandse kant, die eigenlijk erg Amerikaans aandoet. In “Nederland”
spreekt met Engels en betaal je vooral met dollars. Aan de Franse kant spreekt
men Frans en betaal je met Euro’s. Ook beschouwd KPN, de Franse kant als
Frankrijk en kan je tegen een zeer redelijk tarief bellen en internetten, zeker
na de tariefwijziging op 1 mei blijkt later. Aan de Nederlandse kant zegt het
smsje van KPN “u bevindt zich buiten de Eurozone”! Bellen kan voor € 3,00 per
minuut. Ik snap het niet.
Ik ben volgende week jarig en Sas
heeft aan een aantal dierbaren gevraagd of ze iets mee kon nemen voor mijn
verjaardag. Ze bleek een tas vol leuke verrassingen bij zich te hebben. Omdat
Sas de dag voor mijn verjaardag naar huis vliegt had ze bedacht dat ik vanaf
een week tevoren iedere dag een pakje kreeg. Aan alle gevers heel veel dank,
het was erg leuk om het zo te vieren. Ik kreeg boeken, muziek, lekkere koekjes,
banketbakkers zoute krakelingen, parels voor mijn oren en een nieuw voorzeil
van Sas en talloze gezellige kaarten.
Van Marigot Bay zijn we naar een
volgende baai gevaren om ook daar nog wat rond te kijken. Grand Case, met
heerlijke Franse restaurantjes. Alles aan het strand, wat een verwennerij
allemaal. En toen werd het tijd terug te gaan naar Simpson Bay aan de
Nederlandse kant. We wilden nog een auto huren . Aldus geschiedde, we toerden
nog wat rond en gingen op aanraden van Tjabien en Lijs naar Ile de Pinel, waar
de kreeft zo heerlijk vers wordt geserveerd en het fijn toeven is. Hier vierden
we dan “echt” mijn verjaardag met mijn nieuwe parels in natuurlijk. Onderweg komen we een "kudde" leguanen tegen. Hel vreemden beesten die aldoor de weg overrennen. Helaas overleven velen de oversteek niet, het is een drukke weg. Het werd nu helaas tijd voor Sas om haar spullen te pakken en weer naar huis te gaan. Ze vertrok
de 26ste en ’s avonds de 27ste kwamen Mattijn en Thomas aan. Ik hees op mijn verjaardag de oranje wimpel in top en was die dag voor een groot deel alleen. Hoewel ik kreeg bezoek van Martien Oerlemans, ( van
Double Dutch) een van mijn nieuwe zeilvrienden. Inmiddels hoorde ik dat het
vliegtuig 3 uur vertraging had dus aankomst pas om 23.00 uur. Vervelend maar
niets aan te doen. ’s Avonds at ik met de Samantha bemanning en toen terug naar
de St Maarten Yachtclub, alwaar ik Mattijn en Thomas zou ontmoeten en Fred Duin
ook nog op een bemanningslid wachtte, allen in het zelfde vliegtuig. Toen ze
dan eindelijk aankwamen, een hartelijk weerzien hebben we nog een paar
Caribes(bier) gedronken en kwam er als verrassing nog een Peijnenburg koek met
kaarsjes en Happy Birthday er op te voorschijn uit de tas van Mattijn. Nog een
toegift van Sas. De kaarsjes waaiden uit, dus dat gaan we morgen overdoen.
Peijnenburgkoek met kaarsjes |
Nog even over Mattijn. Ik schreef in
mijn vorige blog dat ik hem “had gevonden op straat”. Dat vraagt natuurlijk om
uitleg. Toen ik net was begonnen met mijn klusbedrijf had ik een zaagmachine
van Festo gekocht. Er zat een knop aan, waarvan ik de functie nog niet had
gevonden. Ik fiets door de Holbeinstraat en zie een man op straat die bezig is
op een schragentafel met net zo’n zaagmachine. Ik stap van mijn fiets af en
vraag aan die man of hij mij misschien de functie van die knop kon uitleggen.
Dat deed hij en hij vroeg waarom ik zo’n machine had gekocht. Ik wees op mijn
karretje achter mijn fiets, waar met grote letters klusvrouw Jet Key op staat.
Dus we raken verder aan de praat. Hij blijkt acteur te zijn, maar heeft niet
altijd genoeg werk. Hij is getrouwd en heeft twee dochters op de lagere en
middelbare school, dus tja ook hij aan de klus. Ik vond het een aardige vent,
het klikte eigenlijk direct, dus we wisselden gegevens uit.
Ik dacht als ik nu eens een grote
klus heb, dan kunnen we het misschien samen doen. Maanden later krijg ik een
grote schilderklus met wat hout reparatie werk. Ik dacht toen aan “die man uit
de Holbeinstraat”, maar hoe heette hij ook al weer. Gelukkig had ik in mijn
telefoon behalve zijn gegevens ook opgeschreven ontmoet op 13 jan. in de
Holbeinstraat, dus ik vond hem terug. Ik belde hem op, hij verrast en ja waarom
niet. Hij had wel tijd in mei, dus wij samen naar de klant om het werk op te
nemen. Het werd een succes onze samenwerking,. We hebben inmiddels vele klussen
samen gedaan. Tijdens alle gesprekken die je voert tijdens het werk, bleek dat
hij ook een zeiler is, dus toen ik over mijn plannen vertelde ……… En zo is het
gekomen. Ik wilde met z’n drie man varen, dus hij opperde of zijn jeugdvriend
Thomas misschien mee mocht.
Goed we liggen in Simpson Bay. De
“jongens” moeten ook even acclimatiseren. Jetlag, warmte en een vreselijk
wiebelend schip. Mattijn moest zeker wennen en was wat zeegammel. Enfin alles
went, dus het ging ook weer over.
Natuurlijk moesten er aan boord nog
de nodige dingen worden gedaan voor we klaar zijn voor de oversteek. Maar ik
wilde hen toch ook wat tijd geven om wat te zien, dus een oefentochtje naar St
Barths gemaakt, we kregen bij het aanlopen van Gustavia een flinke bui over ons
heen met veel wind, krabbend anker enz, goed begin. We blijven een dag op St
Barts en varen nu via de Oost kant van St Maarten terug naar Marigot Bay via een
nachtje Grand Case.
In Marigot Bay zie ik weer allerlei
oude bekenden terug. Mensen die ik onderweg heb ontmoet, hier en daar en m.n.
een aantal schepen die ook in Domburg, Suriname hebben gelegen en waar we Kerst
en Oud jaar mee hebben gevierd. Heel gezellig. Iedereen maakt zich klaar voor
de oversteek naar de Azoren. De Nederlandse vloot , September Blue, Lovis, Thorang-
La, Double Dutch plus een Belgisch schip, Sailaway is van plan om zaterdag te
vertrekken.
We hebben een radionet, dwz we
spreken om 2300 utc met elkaar via de SSB. Hebben we op de heenweg ook gedaan,
is leuk, je hoort wat over het weer, want de vloot ligt natuurlijk al snel uit
elkaar. Iedereen heeft zo zijn eigen idee hoe te varen, en de snelheden lopen
uit een natuurlijk. Morning Glory is de kleinste, maar ik denk niet de
langzaamste!!
Nu de laatste loodjes, fourageren
voor ca. 4 weken, want je weet maar nooit waar het Azoren hoog zich bevindt.
Watermaker nog een keer schoonspoelen en dan de watertanks vullen, dwz uren de
watermaker laten draaien, diesel tanken, jerrycans vullen met diesel, nog een
zak was naar de laundry brengen. Helaas bleek bij het uitpakken van de was dat
ik van de 8 onderbroeken er maar 2 terug waren gekomen. Terug naar de
wasserette, hun reactie: we bellen wel als we ze hebben gevonden.
Het schip weer zodanig inrichten
dat het een schuiver kan maken, zonder dat alles in de rondte vliegt en meer
van dat soort zaken.
Vanavond gaan we met de “hele”
Nederlandse vloot die zich voorbereidt op vertrek een borrel drinken en eten.
Het is vandaag 5 mei,
Bevrijdingsdag in Nederland. Gisterenavond was dus de Dodenherdenking. Ik zit
al een paar jaar in het comité dat de herdenking op de Apollolaan organiseert.
Helaas heb ik het dit jaar dus gemist. Er werd gesproken door mevrouw Carla
Josephus Jitta. Ik heb al heel wat klussen bij haar gedaan en tijdens ons
gesprekken die er natuurlijk plaatsvinden kwam haar verleden ter sprake. Ze is
met haar broer, ze waren toen 11 en 13
in 1944 via de gevangenis op de Weteringschans, Westerbork, naar
Theresienstadt getransporteerd. Toen ik
haar verhaal hoorde heb ik haar als spreker voorgesteld in mijn comité van de
Apollolaanherdenking. We zijn tenslotte ieder jaar op zoek naar een geschikte
spreker. Ik hoop dat er lezers van mijn blog op de Apollolaan zijn geweest.
Carla stuurde mij vanmorgen haar verhaal, zo was ik er toch een beetje bij.
Vrijdag 6 mei. We zijn toch maar
naar marina Port Louis gegaan voor een
nacht. Het voordeel is dat we dan de Jelly met zoet water kunnen schoonspoelen,
we de accu’s weer eens aan de walstroom kunnen opladen. Ik toch maar de
watertanks vul met water van de wal, althans de laatste 60 liter. Morgen om
10.00 uur vertrekken we. We eten ook nog even aan de wal, wel zo handig, met de
bemanning van de Double Dutch en natuurlijk komen we ook bemanningen van andere
NL schepen tegen. Het is een grote familie geworden. Tot op de Azoren.
Watermaker spoelen |
Grapje voor Janke |
Het lijkt wel sciencefiction, maar ze zijn echt deze leguanen |
![]() |
27 april wimpel |
Het leven aan boord is heerlijk! |